Wij trokken deze zomer voor de allereerste keer naar de hak van lo stivale (de laars). Al enkele zomers op rij is de regio Puglia, of in het Nederlands Apulië, een hippe vakantiebestemming. De rotsachtige kuststroken, de kalkwitte dorpjes, de eeuwenoude olijfbomen. Elk jaar opnieuw zag ik talloze aesthetic foto’s en video’s passeren. Dus ik was superenthousiast om eindelijk ook deze regio beter te leren kennen.
Maar waarom trek je in godsnaam naar het zuiden van Italië tijdens de zomer? In augustus dan nog, wanneer alle Italianen ook vakantie nemen? Wel, het was geen toeval. Jef kocht een nieuwe koersfiets in een fietswinkel in Grottaglie. Die wou hij liefst zelf gaan ophalen. Vond ik dat erg? Zeker niet! En zo stond er plots een vakantie gepland. Ons leven in Italië zit altijd vol onverwachte wendingen.
Jef en ik reden de SS16 langs de Adriatische kust af. Eerst via Foligno helemaal in rechte lijn naar de zee in het oosten, tot in Civitanova, en dan pal naar beneden richting Puglia. Ik neem jullie graag mee op trip, niet door de volledige regio, want die is best uitgestrekt! Maar door het centrale deel van Puglia. Ik verzamelde onderweg mijn favoriete bezienswaardigheden en eet- en drinkplekjes waar ik zeker zou terugkeren. Die adressen bundelde ik later ook in een digitale kaart. Zo had ik alles op één plek en kon ik me makkelijk oriënteren in elk dorp. Handig, toch?
Siete pronti? Andiamo!
De aankomst bij Masseria Signora, onze eerste accommodatie van de trip.
Als er iets is waar wij zot van zijn, dan is het wel de rust die je terugvindt in de natuur. Eerlijk is eerlijk, ik had niet veel tijd om onze trip voor te bereiden. Dus ik vreesde dat we geen goedkope overnachting meer zouden vinden, en al zeker geen verborgen parel. Maar deze plaats overtrof alle verwachtingen.
Na zes uur rijden vanuit Umbrië kwamen we aan bij Masseria Signora. Tijdens de laatste kilometers richting deze eerste stop zagen we tientallen plakaatjes met de naam ‘masseria’. Wat is dat nu eigenlijk? Het is iets typisch in Puglia: een landgoed of boerderij die gerestaureerd of omgebouwd is tot een accommodatie. Meestal in de chique zin van het woord, zoals een boutique hotel.
De oudere eigenaars begroetten ons hartelijk, maar wel op een typisch Italiaanse wijze. Eerder wat afstandelijk en afwachtend in het begin, maar naarmate we er langer verbleven, leken ze ons steeds liever te hebben. Tegen het einde lieten ze ons niet meer met rust met hun verhalen. Ze toonden ons onze trullo en alle verschillende gebouwen en dieren op het domein. Onze trullo lag letterlijk tegenover de koeienstal, midden in de eindeloze weiden. Wat een oase van rust! Alsof je in een andere wereld belandde.
Ken jij de legende van de trulli al? Ontdek hem via deze post die ik plaatste op Instagram!
De vrouw bereidde elke ochtend een vers ontbijt, een combinatie van hartig en zoet. Dit had ze op voorhand gevraagd, want Italianen eten meestal enkel zoet in de ochtend. Elke ochtend kregen we iets anders voorgeschoteld, en elk ingrediënt kwam rechtstreeks van het veld: melk, vlees, fruit, bloem, noem maar op… Ongelooflijk! Alles was puur en fatto in casa. E questo, mi piace tanto.
Vanuit deze accommodatie trokken we drie dagen op verkenning. Voor ons was dit de ideale uitvalsbasis.






Een eerste indruk van Puglia in Martina Franca
Onze eerste avond brachten we door in een città bianca (witte stad): Martina Franca. De favoriet van onze gastvrouw van de trulli. We parkeerden de auto vlak bij het centrum en slenterden door de witte straatjes.
Om zeker te zijn van een plekje voor het avondeten hadden we al een tafel gereserveerd in een lokale osteria. Ik kan het niet genoeg zeggen: reserveer tijdens het hoogseizoen altijd je plek! Hoe vaak wij mensen voorbij zagen komen die nog op zoek waren naar een tafel… Ik kan het niet op twee handen tellen. En laat ons eerlijk zijn, er is toch niets zo frustrerend als hongerig ronddwalen in een onbekend dorp en nergens meer plaats vinden?
Onze ervaring in Martina Franca? Een echte must-see. Het dorp is niet groot, maar wel een parel. De straten zijn verzorgd, de gebouwen prachtig (zeker tijdens de zonsondergang) en er heerst een levendige sfeer. Perfect om meteen een eerste indruk te krijgen van wat Puglia zo bijzonder maakt.






De meest toeristische plek van heel onze trip: Alberobello
“Als je hierheen gaat, neem je deel aan ‘Hoe zie ik Europa in 10 dagen’.” Dat las ik ergens op het internet voor ons vertrek naar dit UNESCO-trullidorp. En eerlijk, het klonk heel herkenbaar. Ik wist dat het er druk zou zijn, maar toch voelde ik dat dit een plek was die je minstens één keer in je leven gezien moet hebben.
En dat was ook exact het gevoel dat we hadden tijdens ons bezoek. Al bij het binnenrijden in het dorp merk je het meteen: buitenlandse nummerplaten, borden naar (betalende) parkings en vooral… massa’s mensen.
Gelukkig had ik de bezienswaardigheden en hun achtergrondinformatie op voorhand opgezocht, zodat we onze wandelroute kenden en niet te veel tijd verloren. Want dat is iets waar ik de laatste twee jaar steeds minder tegen kan: véél volk om me heen.
Toch moet ik het zeggen: Alberobello is uniek. Alsof je in een sprookje wandelt. De witte trulli met hun kegelvormige daken vormen een magisch decor. Maar de realiteit komt ook snel binnen. Op de parkings vlak bij het centrum betaal je vijf keer zoveel als in andere dorpen. Amerikanen tikken op je schouder met de vraag of je even aan de kant wil gaan zodat zij hun perfecte foto kunnen maken. Dat is het nadeel van een bezoek in augustus.
Daarom mijn tip: als je de kans hebt, bezoek Puglia en zeker Alberobello in het laagseizoen. Dan kan je dit sprookjesdorp op je eigen tempo beleven.






Ostuni, doe maar ni(et)
Next stop: een andere città bianca, Ostuni. Ook een plaats die ik al vaak voorbij had zien komen. Maar eerlijk gezegd… deze stop viel ons zwaar tegen.
Het centrum was piepklein. Dat hoeft op zich geen probleem te zijn, maar als er dan ook weinig te zien is, voelt het alsof je kostbare tijd hebt verloren.
Wat ik het leukst vond aan dit dorp, was de ligging. Je ziet Ostuni al van ver stralen bovenop de heuvel. Je kan ook rond het dorp wandelen, met uitzicht op de Adriatische kust. Dat is zeker mooi meegenomen. Maar het centrum zelf wist ons niet echt te raken.
Mijn advies? Ben je in de buurt, dan kan je hier even stoppen om iets te eten of een korte wandeling te maken. Maar verwacht er niet te veel van.



Al een geluk dat we Cisternino erbij namen!
Omdat we veel sneller klaar waren in Ostuni, hadden we plots tijd voor een extra (ongeplande) stop. Deze tip kreeg ik via mijn DM’s op Instagram: Cisternino. Vanuit de auto maakten we snel een reservatie voor het avondeten, terwijl ik in de passagiersstoel al wat research deed over het dorp.
En wat een fijne verrassing bleek dit te zijn! De straatjes waren veel charmanter dan die van Ostuni, en bovendien was het er een stuk rustiger. We wandelden er met een gelato (limone-basilico is een echte aanrader!) in de hand door de kleine steegjes en genoten later van een terras met uitzicht over de vallei.
’s Avonds schoven we aan bij een lokale chef die gewoon vanuit zijn eigen keuken kookte. Zijn terras bood plaats aan maximum tien gasten. Naast zijn fulltime job kookt hij in de avonden de echte Pugliese keuken voor bezoekers. Wat een topervaring! Dit voelde zo authentiek. Als je op zoek bent naar een beleving, dan is dit het summum.






Over de grens naar een van de oudste steden ter wereld: Matera
Voor deze stop rekenden we een volledige dag uit. Niet alleen omdat Matera wat verder lag, maar ook omdat het een echte stad is die je tijd en aandacht verdient. We reden de grens over naar de regio Basilicata, waar een van de oudste steden ter wereld ligt: Matera. Een stad die volledig in de rotsen is uitgehouwen.
Matera is echt een once-in-a-lifetime ervaring. Zodra we de auto buiten het centrum hadden geparkeerd, daalden we af naar de historische wijk en haar beroemde sassi. Trap voor trap keer je hier terug in de tijd. Letterlijk. Ik denk dat ik die dag het record aantal traptreden gelopen heb. Een tip dus: draag stevige schoenen, want de steile stenen straatjes kunnen glad zijn.
De kleine steegjes tussen de rotswoningen vormen een doolhof. Overal kan je omhoog of omlaag kronkelen.
Na uren rondslenteren streken we neer op een terras met uitzicht over de oude stad. We hadden enorm veel geluk, want nog geen vijf minuten later stonden er al mensen aan te schuiven voor een plekje. ’s Avonds dineerden we aan de stadsrand, met zicht op het Parco della Murgia Materana. Ook daar zat het restaurant om 19u30 volledig vol. Mijn gouden tip: reserveer dus altijd op voorhand als je Matera bezoekt!






Een dagje op adem komen aan het strand
Wie zegt dat reizen niet vermoeiend is, ligt waarschijnlijk elke dag aan het zwembad… Na zoveel indrukken op korte tijd was het voor ons nodig om een dagje rust in te plannen. En zeg je Puglia, dan zeg je natuurlijk ook: strand.
Wij reden naar Castellaneta Marina, een eenvoudig zandstrand waar je niet hoefde te betalen voor een ligbed. Op de lungomare (zeedijk) vind je verschillende bars en eetplekjes waar verse vis op het menu staat.
Dit strand zal je niet snel terugvinden in reisblogs of op Instagram, want spectaculair is het niet. Verwacht hier geen dramatische rotsformaties of Instagrammable baaien. Maar net dat vonden wij zo fijn. Hier kom je om te zwemmen, te genieten van de zon en lekker te eten tussen de locals. Het water was warm, er waren nauwelijks toeristen en het voelde er heerlijk ontspannen aan. Voor ons was dit de perfecte plek om even op adem te komen.
De hoofdstad van Puglia op de terugweg: Bari
Save the best for last. En dat mag je in dit geval letterlijk nemen, want Bari overtrof al mijn verwachtingen!
Na ons afscheid van het lieve koppel dat de trulli uitbaatte, reden we alvast een stuk huiswaarts richting Bari voor onze laatste overnachting. Omdat ik wist dat Bari een havenstad was, had ik me er in gedachten al een beeld van gemaakt: donker, vuil en misschien zelfs met een penetrante geur. Maar het tegenovergestelde bleek waar. Bij het binnenrijden werd ik compleet omver geblazen.
De brede boulevards met palmbomen en kleurrijke gebouwen zijn indrukwekkend. Dit is het ‘nieuwe’ Bari, levendig en statig. Zodra je de Corso Vittorio Emanuele II oversteekt, stap je Bari Vecchia binnen, het oude stadscentrum. Een heel ander decor: smalle straatjes, oude huizen en een rustige, gemoedelijke sfeer.
Wat Bari zo verrassend maakt, is dat je om elke hoek weer iets anders ontdekt. Werkelijk fantastisch!
Omdat we te laat waren met plannen, vonden we geen accommodatie meer in het centrum. We logeerden daarom in Capurso, op vijftien minuten rijden van Bari, in een loft. Een supertoffe plek die ook ’s avonds bruist van het leven.
Op onze laatste ochtend in Puglia dronken we in een lokaal barretje in Capurso een cappuccino en een caffè doppio, en aten we beide een cornetto con crema. De perfecte energieboost om de lange rit huiswaarts in te zetten.






Puglia, è stato un piacere!
Onze dagen in Puglia vlogen voorbij. We hebben trulli bewonderd, door witte stadjes gewandeld, ons laten verrassen door authentieke dorpjes en genoten van de lokale keuken. Natuurlijk zijn er nog talloze plekken die we niet gezien hebben, want Puglia is enorm uitgestrekt. Maar net dat maakt dat we graag terugkomen, liefst buiten het hoogseizoen om alles in een rustiger tempo te beleven.
Heb jij zin om Puglia te ontdekken ? Dan heb ik iets voor jou! Ik verzamelde al mijn favoriete hotspots in een digitale kaart. Met deze kaart vertrek je voorbereid op vakantie naar midden-Puglia, want je hebt alles in één map op je smartphone. Download hem in je offline kaarten, zodat je hem ook zonder internetverbinding kan gebruiken.
Na onze reis merkte ik onderweg ook iets bij mezelf. Hoe mooi en uniek Puglia ook is, ik was blij toen ik opnieuw de groene bergtoppen van Abruzzo zag en de glooiende heuvels van Umbrië binnenreed. Ons eigen stukje Italië voelt ondertussen echt als thuis.
Heb je nog vragen over onze route of over de plekken die we bezochten? Laat gerust een reactie achter, ik help je met plezier verder.
Buon viaggio,
Julie
